23.08.10
Herkenbare geluiden maken nostalgisch: op een zomerdag trekt de lucht dicht en de wind begint met vlagen te waaien. De bomen met hun volle blad ruisen en het wordt steeds donkerder. De dreiging van onweer. Daarbovenuit kinderstemmen die opgewonden naar elkaar roepen -over dingen die naar binnen moeten, en over naar huis gaan. Rennen ook, tussen de vlagen door, en de eerste dikke druppels die petsen op warme steen.
Het klinkt naar spelen op straat, en vakantie, omdat het toen ook al zo was. Geluid dat reikt naar het verleden.
Tags: geluid, kindertijd
opgeslagen in fijne dingen | reageer »
12.08.09
De gemeente Amsterdam doet mee aan “wie is …en waarom moeten wij die kennen?” Het hippe jonge volk dat langs het Westergasterrein sliert en namen van VJ’s droomt geven zij stevig historisch tegenwicht. Zoals deze “ontwerper van dakspantconstructies”.
De gemiddelde Amsterdamse koffieverkeerdrinker die architectuur beschouwt als lifestyle zal zich daar niet veel aan gelegen laten liggen. Terwijl het toch de dakspanten van Polonceau zijn die boven hun hoofd het monumentale dak van de multifunctionele Zuiveringshal bijeen houden.

Mooie detailfoto’s staan op het Länderbahnforum waar ook de uiteeenzetting Der Polonceau-Träger – Baukonstruktion aus den Kindertagen des Eisenbahnwesens te vinden is. Die legt uit dat de Polonceaudakspant een vinding is uit het spoorwegwezen, van rond 1840, voor stationshallen bijvoorbeeld. Jacek Wesolowski uit Lodz is gek van stationsoverkappingen en heeft ze wereldwijd in kaart gebracht, met veel illustraties en vermelding van de constructie.
Het bordje suggereert dat het leven van Polonceau om dakspanten draaide, maar verzuimt uitleg van de relatie met Westerpark. Zo blijft het raadselachtig. Pazzani, om de hoek, klinkt als een Italiaans broodje, bij de cappucino. Zo leven namen voort maar met hun eigen leven.
opgeslagen in geschiedenis, techniek | reageer »
22.07.09

fout bakje z. bodemgaatjes
Water en zeep moeten samen worden gebruikt, maar zeep in ruste in z’n bakje moet verre van water blijven. Maar het bakje is vaak een heel verkeerd bakje. Waar water in blijft staan zodat de zeep bij oppakken vies slijmerig van onderen blijkt te zijn geworden.
Een zeepbakje: een simpel ding en toch niet overal te vinden. Bakjes zonder gaatjes zijn allemaal fout, en daar zijn er heel veel van. Franke maakt een bakje “z. bodemgaatjes” dat 3 euro goedkoper is dan “m. bodemgaatjes”. Extra betalen voor gaatjes, alsof stuk voor stuk met een handboortje moeten worden gedaan! Terwijl het z.bodemgaatjes gewoon niet deugt!
Ikea doet voor 99 ct met zuignapjes wat Dornbracht voor 97 euro met schroeven doet: een draadbakje van chroom. Prima totdat de zeep heel dun wordt en door de spijltjes valt – maar dan is ie ook bijna op.

fijn draadbakje
De Babyloniërs gebruikten al zeep, vertelt Wikipedia, maar zelfs na 5000 jaar is het zeepbakje nog niet geëvolueerd tot z’n vanzelfsprekende vorm. Het zal er misschien wel nooit meer van komen ook nu zoveel vloeibare zeep wordt opgepompt uit een flesje. Populair geworden vanwege de hygiëne, omdat oude zeep er vies uitziet met barsten en scheuren.
De oudste vloeibare zeep was geel in restaurant-wc’s met een goedkope lucht die aan je handen bleef kleven. Maar vloeibaar heeft een lange weg afgelegd, tot eco uit Marseille “met de aromatherapeutische werking die een positieve invloed op het welbevinden en gezondheid kan hebben middels huidcontact en ingeademd via uw slijmvliezen”. Gezonde zeep waar je rustig van wordt!
Zonder verkeerd bakje, maar wel gewoon altijd helemaal slijmerig van teveel water…
opgeslagen in vragen | reageer »
02.05.09

Een splinternieuwe trein met nieuwe stoelen en tafeltjes. Als je het tafeltje uitklapt staat er een tekening op. Gezellig zo’n onverwacht vogeltje in de zakelijke trein.
Het is niet zo duidelijk getekend, eigenlijk. Het lijkt wel bijna een koffievlek. Een Rorschachvogel dan? Staat het op alle tafeltjes? Als de buren uitstappen gauw op hun tafeltje checken.
Het blijkt een eenzaam vogeltje, want 8 andere tafeltjes uitgeklapt en geen andere vogeltjes. Of andere dieren of bloemen. Niks.
Wat leuk zou zijn: dat alleen een enkel tafeltje een versiering heeft, lukraak verspreid door de treinen, en niet allemaal hetzelfde. Dan was het elke keer eventjes spannend of je er eentje hebt: “hee een reiger” “oh kijk, een bij”. Dat zou echt invoelend zijn van de treinontwerpers van de NS als ze zo’n verrassinkje hadden verzonnen.
Misschien toch een actie van een individu, die langzamerhand een aantal treintafeltjes betekent, om ons op te vrolijken? Of gewoon een verveelde reiziger zonder mooie bedoelingen maar met een setje viltstiften op zak?
Zelfs Google lost dit niet op: voor “tekening op tafeltje” maar 1 treffer, over een kleutermeubel. Zodat het een vlek blijft die een vogel kan zijn.
opgeslagen in fijne dingen, reizen, vragen | 6 reacties »
29.04.09
Je moet wel lef hebben, dat je eerst een enorme kuil graaft onder de halve stad en er dan zo’n bord bij zet.
Een raar bord. Wie een kuil graaft voor een ander waarschuwt niet want dan werkt de val niet. Een kuil met een waarschuwingsbord erbij is geen valkuil. En als je er geeneens mag lopen dan kun je ook niet in de val lopen.
Maar het bord is ook geen waarschuwing, het is een commentaar: op de afgraving die eens het Stationsplein was. Die een valkuil is, niet voor de voetganger die er verboden is, maar voor de stad, het bestuur, de bewoners. Een project dat een valkuil is voor wie er in trapt. Voor de stad die erin zakt.
Het gemeentebestuur zou meer van die borden moeten neerzetten. Want dat soort humor, dat houdt Amsterdam overeind.
opgeslagen in communicatie, stad | reageer »
22.03.09

Het mandje is leeg, en buiten gezet, bij de tegel ‘hier uw huisvuil’. Weggedaan, omdat het niet meer nodig is.
Want stuk is het niet. Wat zou er met de poes gebeurd zijn die er ooit in heeft gezeten? Is ie weggelopen, al een tijd geleden, en nu echt opgegeven? Of dood en begraven, en het mandje een pijnlijke herinnering aan de laatste gang naar de dierendokter. Het moest de deur wel uit, omdat de kinderen bleven vragen naar de oude poes, of om een nieuwe, voor in het mandje.
De poes die weg is maakt het mandje zo leeg en verlaten, langs de straat bij de vuilniszak. Kwam er maar iemand die het meenam voor een gezellige dikke poes die thuis zit te wachten, en die dan met het baasje mee mocht in de trein.
opgeslagen in dieren, vragen | reageer »
03.03.09

Op het station van Wormerveer zwemmen kikkervisjes langs de trap. Die zijn daar getekend, door iemand die zijn roots zoekt.
Dat het geen kikkervisjes zijn zie je op de vloer onderaan de trap. Daar is de conceptie afgebeeld. Heel groot: het ei is een cirkel van wel een meter doorsnee. En daar komen alle kikkervisjes samen. Eentje is de binnendringer, dat is ‘ik’, met een pijl.
Alle reizigers van trein op weg naar huis komen er langs. Na een werkdag achter een computer met drukte om verzekeringspremies of logistiek lopen ze met gebogen hoofd de trap af, en zien dan per ongeluk even hoe het ooit begon, ook met hen, in een tunneltje in Wormerveer.

opgeslagen in kunst | reageer »
05.02.09

Yoghurt is lekker en de Balkanvariant is het lekkerste. De romige Griekse met honing voor het ontbijt. De Drentse AA maakt ‘m ‘puur biologisch’ in Noord-Nederland.
Of stevige Turkse, die je bij de mediterrane winkel op de Haarlemmerdijk in een blauw emmertje kunt kopen. Blauw, niet groen, want die is mager, bah. (Griekse Total 0% ook nooit doen!)
4000 jaar geleden is al uitgevonden, per ongeluk, in het warme Midden-Oosten, dat zure melk goed te eten is. Mits door de juiste bacteriën verzuurd. Zelf yoghurt maken is niet moeilijk volgens schoolmelk.be. Op de huis-tuin-en-keukenmanier krijg je standyoghurt.
De meeste mensen houden meer van roeryoghurt en dat komt goed uit want in een Hollandse fabriek kunnen ze niet anders maken dan roeryoghurt met slijmvorming. Dat klinkt vies maar zorgt dat de yoghurt soepel uit het pak glijdt.
De Balkanyoghurt is standyoghurt die in smeuiige brokken in het schaaltje valt. Een nieuw emmertje is één stevige klomp yoghurt. Dan is ie het lekkerst. Met een klein lepeltje kun je er stukjes afscheppen, als van een kwarktaartje, met een tikje honing.
Het gat dat in het emmertje is geslagen is de dag erop vol geel zuur nat, dat uit de yoghurt gezakt is. Dat ziet er vies uit. Maar het hoorde bij de yoghurt. Dilemma!: roeren of niet roeren?
Als je roert is de yoghurt weer bijelkaar maar geen standyoghurt meer, want door roeren gaat de standyoghurtstructuur stuk. Daar wordt de yoghurt dunner van.
Je kunt ook doen of je hangop maakte en het nat weggooien. Dan is de yoghurt nog steviger.
Het compromis is niet roeren maar iets van het zure vocht meescheppen. Alleen is het laatste beetje in het emmertje straks dan wel drinkyoghurt.
Bij elk emmertje weer dat dilemma. En het vermoeden dat er geen antwoord is. Omdat de Grieken toch altijd iets anders doen dan Turken.
opgeslagen in eten | reageer »
17.01.09

Een etalage die de aandacht trekt, dat wel. Vanuit een ooghoek wekt het te roze kunstvlees eerst associaties met ander type shop. De klinische context van grijs vinyl suggereert ook orthopedische hulpmiddelen, gepast armetierig met het randje oude stopverf.
De ontwerper heeft er voor de extra gezelligheid wat kerstballen tegenaan gegooid, en hoopt dat vrouwen zo worden verleid tot luxe briljanten ring die aan een afgehakte vinger zit.
In een film over enge perverse moordenaars zou de etalage mooi uitkomen, in het echt stond er een bordje ‘te huur’.
opgeslagen in communicatie, mannen en vrouwen | reageer »
14.12.08
Werelden zijn te ontdekken op zomaar een stoep. Klein, heel klein, maar toch een tuintje, met tenminste 3 soorten vegetatie. Als ze bonsai heetten zou er dik betaald worden voor zo’n minituintje dat op je bureau past. Maar ordinair korstmos wordt juist met de stoep schoon geveegd. Onverdiend, want het groeit stilletjes zonder kwaad te doen.
Korstmos is helemaal geen mos maar een symbiose van een schimmel en een groenwier of een blauwalg (korstmossen voor beginners). Geen plant dus maar iets ingewikkelds van twee dingen die apart leven en toch onlosmakelijk samen. Dat ‘leven’ is trouwens betrekkelijk, want soms groeien ze minder dan een millimeter per jaar, hebben voldoende aan het stof in de lucht, en kunnen jaren in rustfase verkeren. Onderscheidend zijn de “diverse aanhechtings- en voortplantings-onderdelen” maar over hun voortplanting is niet veel bekend. Dat schiet niet op met die korstmossen!
Raar trouwens dat men niet alles weet van organismen die je toch in alle rust kunt bestuderen. Er is geen gebrek aan liefhebbers. Op het (korst)mosforum wisselen zij uit wat zij zien tussen de stoeptegels en op boomschors. Hun miniatuurobservaties leggen ze vast met een camera door een loupe. Zo zien zij iets waar bijna iedereen overheen kijkt.
Voor goede ogen is er genoeg variatie te ontdekken: er zijn ruim 700 soorten gevonden in Nederland en de Veldgids korstmossen telt 421 blzd. Door de korstmossers zijn al die soorten op een fantastische interactieve verspreidingskaart gezet, vol detail en poëtische namen. Daar kun je zien dat Engelse dropkorst vanaf 1980 in 24 atlasblokken gespot is, het wimpermos ernstig terugloopt, en het bleek speldenkussentje juist erg opkomt (nu in 262 atlasblikken).
Bij de tijd, die korstmossers: atlasblokken die inventarisatie behoeven vind je via Google Earth, en tijdens je verkenning op de grond check je de verspreidingsatlas op je mobiel (waar je ook de mosfoto mee maakt). En tussendoor ter ontspanning de interactieve mossenquiz hoe bryo ben jij? .
Hoe mensen zich verbinden door groene vlekken op de stoep.
opgeslagen in natuur | reageer »